In veel gevallen wordt op goed geluk een pand gekraakt. De juridische voorbereiding van een proces wordt daarbij vaak als te tijdrovend gezien. De praktijk wijst uit dat ook bij kraakacties waarbij het risico op ontruiming laag wordt ingeschat het toch vaak op problemen met politie en justitie uitloopt. In dat geval is het vaak te laat om nog op juridische wijze de ontruiming te voorkomen. Deze site probeert een juridische wijze te beschrijven om dergelijke ontruimingen te voorkomen, namelijk door het aanspannen van een kort geding tegen de staat waarin een ontruimingsverbod geëist wordt. Op zich is dat niet nieuw. Met name in de Randstad worden al jaren met wisselend succes kort gedingen tegen ontruimingen aangespannen. Wat wel nieuw aan deze site is, is dat erin uitgelegd wordt, hoe je zelf een dagvaarding voor zo'n kort geding opstelt.
Het grote probleem met het voorkomen van ontruimingen door het aanspannen van een kort geding is dat het onder grote tijdsdruk moet gebeuren; als de politie en het Openbaar Ministerie eenmaal besloten hebben een gekraakt pand te ontruimen, dan laten ze zich daar liever niet meer van afhouden en zullen ze dan ook weinig tijd geven voor tegenzetten van de kant van de krakers. Omdat ook veel advokaten weinig tijd hebben, blijkt er vaak geen mogelijkheid te zijn om op tijd hiertegen een kort geding aan te spannen. Daarom is het van belang hierop vooraf voorbereid te zijn en alvast een dagvaarding tegen de staat en een brief voor de officier van justitie klaar te hebben liggen. Veel advokaten zeggen dat ze die wel zullen opstellen als blijkt dat het nodig is, maar dan blijkt het veelal te laat. Daarom wordt op deze site in het hoofdstuk ‘Het opstellen van een dagvaarding’ beschreven hoe je deze zelf kunt maken, zodat de advokaat hieraan weinig werk meer heeft. Ook is een voorbeeld van een brief voor de officier van justitie opgenomen.
Het feit dat je een dagvaarding hebt opgesteld en eventueel zelfs al hebt uitgebracht, is op zichzelf geen enkele garantie dat er geen ontruiming gaat plaatsvinden voordat het kort geding heeft plaatsgevonden. Een probleem namelijk is dat, behalve in Amsterdam, Den Haag en Rotterdam, waar van de kant van het Openbaar Ministerie bepaalde toezeggingen hierover zijn gedaan, het Openbaar Ministerie en de politie vaak van mening zijn dat ze de uitspraak van een kort geding tegen de door hen voorgenomen ontruiming niet hoeven af te wachten, ook al is er een dagvaarding uitgebracht. Hoe met dit probleem om te gaan is het belangrijkste thema van het hoofdstuk 'Het kort geding'.
Om een dagvaarding uit te kunnen brengen is het verplicht je door een advokaat te laten vertegenwoordigen. Hoe je een advokaat kunt vinden en wat daar verder allemaal bij komt kijken wordt in het kort beschreven in het hoofdstuk 'Advokaten'.
Aan deze procedure zijn een aantal kosten verbonden. Welke, dat wordt beschreven in het hoofdstuk 'Kosten'.
Een kort geding wordt begonnen met het uitbrengen van een dagvaarding, dat wil zeggen een oproep aan de tegenpartij om voor de rechter te komen, waarbij aangegeven moet worden wie eiser is, wie gedaagde is, wanneer en waar er een zitting is, wat geëist wordt en op welke gronden. Gedeelten van de dagvaarding hebben een vaste vorm en zijn sterk aan formele vereisten of normen gebonden, andere gedeelten zijn vrijer qua vorm.
In deze handleiding wordt beschreven hoe je een dagvaarding opstelt om een ontruiming op grond van huis- of lokaalvredebreuk of op grond van overtreding van art. 429 sexies van het Wetboek van Strafrecht te voorkomen. Met wat fantasie en logica kan je op basis hiervan ook dagvaardingen tegen ontruimingen op andere gronden opstellen.
De dagvaarding begint met het oproepingsgedeelte. In het oproepingsgedeelte zijn vermeld wie wie dagvaardt, voor welke rechtbank en op welke datum.
Belangrijke vraag bij het opstellen van dit gedeelte van de dagvaarding is de vraag wie er als eiser gaat optreden. Eventueel kan het zelfs de vraag zijn of er een of meerdere eisers moeten zijn. Als het om meerdere panden gaat die niet onderling met elkaar zijn verbonden, dan is het aan te raden om meerdere eisers te hebben. Waar in jouw geval de rechtbank is, moet je even bij het advokatenkantoor informeren.
Het is niet erg als je op je concept-dagvaarding een aantal van deze gegevens niet invult. Voordat de advokaat de dagvaarding definitief laat uitbrengen zal hij/ zij er wel voor zorgen dat alle zaken goed zijn ingevuld. Dan moet hij/ zij natuurlijk wel alle benodigde gegevens van jou krijgen.
De dagvaarding eindigt met een omschrijving van je eis: de vordering. Wat je in het kort geding moet eisen is sterk afhankelijk van de concrete situatie. Aan de ene kant moet je zorgen dat je niet te weinig eist, anders schiet je er simpelweg niets mee op. Aan de andere kant mag je niet te veel eisen. Je kan niet iets eisen waarover de gedaagde geen macht of zeggenschap heeft. Daarnaast moet je ook recht hebben op datgene wat je eist.
In dit soort zaken eisen we, dat het Openbaar Ministerie verboden wordt ons pand te ontruimen op verdenking van overtreding van huis- of lokaalvredebreuk of overtreding van art. 429 sexies van het Wetboek van Strafrecht, tenminste voor zolang de bewoners hiervoor niet definitief door de strafrechter zijn veroordeeld. Dat laatste is er bijgevoegd om een discussie te vermijden. Voordat het zover is, zijn we toch al jaren verder.
De gronden van de vordering worden vermeld na het oproepingsgedeelte en voor de vordering zelf. Dit is het meest vrij gedeelte van de dagvaarding. Hierin moet je (summier) omschrijven wat je gaat aanvoeren bij de zitting om je eis te onderbouwen. Vaste elementen daarbij zijn: een omschrijving van de situatie, de stelling dat het gedrag van gedaagde onrechtmatig is en dat je een spoedeisend belang hebt bij je vordering.
In dit soort zaken voeren we als grond aan dat er geen sprake is van huis- of lokaalvredebreuk of overtreding van art. 429 sexies van het Wetboek van Strafrecht. Om die reden (in ieder geval) is volgens ons de voorgenomen ontruiming onrechtmatig. Het is duidelijk dat wij een spoedeisend belang bij onze vordering hebben.
(plaats), (datum)
Aan de weekdienstofficier van justitie te (plaats kraakpand),
SPOED
betreft: beslissing ontruiming (volledige adres kraakpand)
Hierbij willen wij u op de hoogte stellen van het feit dat door ons het perceel (volledige adres kraakpand) gekraakt is.
Wij zijn van mening dat bij dit perceel niet gesproken kan worden van gebruik in de zin van art. 138 cq. 139 cq. 429 sexies Sr. Indien u echter van mening bent dat er toch van gebruik in deze zin sprake is en u voornemens bent om op deze gronden tot ontruiming van de panden over te doen gaan, zijn wij voornemens om tegen deze beslissing een kort geding aan te spannen. Mr. (naam advokaat) (volledige adres en telefoonnummer advokaat) is voornemens in dat geval zo spoedig mogelijk op bijgevoegde conceptdagvaarding een datum aan te vragen bij de president voor een tegen de Staat der Nederlanden aan te spannen kort geding.
Wij verzoeken u in dat geval de uitspraak van de president van de rechtbank af te wachten. Een dergelijk verzoek kunt u volgens de uitspraak van de Nationale Ombudsman dd. 23-2-1999 niet zonder meer naast zich neerleggen. Voorts verwijzen wij hierbij naar de Amsterdamse situatie, waarin volgens een besluit van de hoofdofficier de uitspraak van de president in een dergelijke situatie altijd wordt afgewacht (Amsterdams Baliebulletin augustus 1993, nr. 4). Intussen zijn ook in de Arrondissementen Den Haag en Rotterdam vergelijkbare beleidstoezeggingen gedaan.
U kunt ons voor informatie hierover bereiken op tel. (eigen telefoonnummer) (eventueel naam of pseudoniem)
De krakers van het perceel (volledige adres kraakpand)
Concept
Heden, de …………………….1 2006 (tweeduizendenzes), ten verzoeke van ………2, wonende te (plaats kraakpand), te dezer zake woonplaats kiezende te (plaats advokaat) aan de (adres advokaat) ten kantore van de advokaat mr. (voorletters en achternaam advokaat), die in deze zaak voor mijn rekwirant3 als procureur wordt gesteld en als zodanig zal optreden, met het recht van vervanging;
Heb ik,
krachtens mondelinge last van de Edelachtbare Vrouwe/ Heer Voorzieningenrechter van de Rechtbank te (plaats rechtbank),
GEDAGVAARD IN KORT GEDING:
DE STAAT DER NEDERLANDEN, (Ministerie van Justitie), waarvan de zetel is gevestigd te ’s-Gravenhage, aldaar op het parket van de Prokureur-Generaal bij de Hoge Raad der Nederlanden, gebouw Kazernestraat nr. 52, aldaar op dat Parket mijn exploit doende, sprekende met en afschrift dezes latende aan;
OM:
Op ……4 2007 (tweeduizendzeven) des ……4 te ……4 uur in persoon, al dan niet vertegenwoordigd door een procureur, te verschijnen ter terechtzitting van de Edelachtbare Heer/ Vrouwe Voorzieningenrechter van de Rechtbank te (plaats Rechtbank), alsdan en aldaar rechtsprekende in kort geding, welke zitting alsdan zal worden gehouden in het (naam gebouw Rechtbank) aan de (adres Rechtbank) aldaar;
MET AANZEGGING:
dat gedaagde een griffierecht van 248 Euro verschuldigd is indien hij verschijnt ter terechtzitting voornoemd en dat de Edelachtbare Heer/ Vrouwe Voorzieningenrechter een mindering van dit vastrecht kan verlenen na overlegging aan de Griffier van een verklaring omtrent inkomen en vermogen, afgegeven door de Burgemeester van de Gemeente alwaar gedaagde woonachtig is,
dat indien gedaagde niet op de eerste of op een door de Rechter nader bepaalde datum in het geding verschijnt dan wel verzuimt procureur te stellen indien haar dit is aangezegd en de voorgeschreven termijn en formaliteiten in acht heeft genomen, de Rechter tegen haar verstek zal verlenen en de vordering zal toewijzen, tenzij hem deze onrechtmatig of ongegrond voorkomt.
TENEINDE:
Namens mijn rekwirant3 als eiser3 in kort geding te horen eis doen en konkluderen:
MITSDIEN:
Het U Edelachtbare Heer/ Vrouwe Voorzieningenrechter behaagt bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
Gedaagde, en via haar de Officier van Justitie te (plaats kraakpand) te verbieden strafrechtelijke dwangmiddelen, waaronder aanhouding van eiser3 c.s., jegens eiser3 c.s. toe te passen, voorzover deze voortvloeien uit verdenking van eiser3 c.s. van overtreding van artikel 138, 139 of 429 sexies Sr. en/ of te verbieden anderszins tot feitelijke ontruiming van het pand5 aan de (adres kraakpand) te (plaats kraakpand) over te gaan of te doen gaan, voordat omtrent de strafbaarheid van eiser3 ex art. 138, 139 of 429 sexies Sr. door de strafrechter een (onherroepelijke) uitspraak zal zijn gedaan.
Met veroordeling van gedaagde in de kosten van deze procedure.
De kosten hiervan zijn voor mij deurwaarder (in debet).
Nadat de advokaat bij de rechter een datum voor een kort geding heeft gekregen, kan de dagvaarding door een deurwaarder worden uitgebracht. Daarmee is het kort geding officieel begonnen. Dat wil helaas nog niet zeggen dat daarmee een ontruiming voorlopig is afgewend. In de wet staat niet aangegeven dat iemand tegen wie in kort geding een verbod op een bepaalde handelwijze wordt geëist daarvan moet afzien in de tijd tussen de dagvaarding en de uitspraak van de rechter. Onder veel druk van de Amsterdamse kraakbeweging is de toenmalige hoofdofficier van Justitie Vrakking tot de toezegging gekomen dat de uitspraak van de President van de rechtbank tegen een voorgenomen ontruimingsbeslissing in het algemeen wordt afgewacht6. Ook in Den Haag en Rotterdam zijn er vergelijkbare toezeggingen van het O.M. Buiten deze steden zijn er geen harde toezeggingen om een uitspraak in kort geding af te wachten.
Hoewel de toezegging, met name in Amsterdam, in het algemeen redelijk wordt nagekomen, lijkt er, ook weer voor wat betreft Amsterdam, een toename van het aantal gemaakte uitzonderingen zonder dat deze onder de uitzonderingsgrond vallen en lijkt de interpretatie van de uitzonderingsgronden steeds ruimer te worden7. In Den Haag en Rotterdam kan sowieso niet zonder meer op de toezegging worden vertrouwd en is alles afhankelijk van het initiatief van de krakers zelf; zij worden in de regel niet vooraf geïnformeerd over een voorgenomen ontruimingsbeslissing.
In veel gevallen zullen de politie en de officier van justitie een ontruiming in het geheel niet aankondigen. Met het oog daarop kan het nuttig zijn om al in een vroeg stadium uit eigen beweging een concept-dagvaarding toe te sturen met de aankondiging tegen een eventuele ontruimingsbeslissing een kort geding aan te willen spannen. Geef een kopie van deze brief en een conceptdagvaarding aan de politie en laat blijken dat je ervan uitgaat dat een eventueel noodzakelijk kort geding wordt afgewacht.
In een dergelijk geval kan het misschien noodzakelijk of nuttig blijken het afwachten van de uitspraak tevens af te dwingen door verzet en publiciteit, waarover in de kraakhandleiding verschillende tips staan. Zie hierover hoofdstuk 3 van de uitgebreide kraakhandleiding.
Nadat de advokaat bij de rechter een datum voor een kort geding heeft gekregen, kan de dagvaarding door een deurwaarder worden uitgebracht. Daarmee is het kort geding officieel begonnen. Dat wil helaas nog niet zeggen dat daarmee een ontruiming voorlopig is afgewend. In de wet staat niet aangegeven dat iemand tegen wie in kort geding een verbod op een bepaalde handelwijze wordt geëist daarvan moet afzien in de tijd tussen de dagvaarding en de uitspraak van de rechter. Veel officieren van justitie zijn dan ook van mening dat ze hierin helemaal vrij zijn. Mijns inziens is dat een onjuiste veronderstelling.
De plicht om een aangekondigd kort geding tegen een ontruimingsbeslissing van het Openbaar Ministerie af te wachten, kan volgens mij in omstandigheden uit de beginselen van behoorlijk bestuur worden afgeleid, en wel wanneer er sprake is van een situatie waarin de krakers voortvarend handelen8 om dit geding aan te spannen en zich geen uitzonderingsgrond voordoet.
Tussen het uitbrengen van de dagvaarding en de zittingsdatum kan een flinke tijd zitten (van enkele dagen tot enkele weken). Tijd die nuttig gebruikt kan worden voor het voorbereiden van het proces, bijvoorbeeld door het verzamelen van bewijsstukken. De advokaat kan proberen om een zo spoedige mogelijke, eventueel voorlopige, rechterlijke uitspraak te krijgen, indien blijkt dat het O.M. niet bereid is de uitspraak af te wachten.
Zoals gezegd, is bijstand door een advokaat bij het aanspannen van een kort geding verplicht. Het is aan te bevelen tijdig een advokaat te zoeken die je wil bijstaan. Veel advokaten hebben het erg druk en kunnen niet zo maar op het laatste moment nog afspraken maken om zaken door te spreken. Ga op zoek naar advokaten die eerder krakers hebben bijgestaan of dit graag willen doen. Het kan helpen om aan te geven dat je zelf je zaken goed op orde hebt en zelf alvast concepten voor een dagvaarding en een brief aan de officier van justitie klaar hebt.
De advokaat krijgt zijn betaling voor jouw zaak voor het grootste deel van de staat. Daarvoor is het wel noodzakelijk dat je hem/ haar bepaalde gegevens verstrekt, zoals sofinummer, geboortedatum en GBA-adres. Er geldt een eigen bijdrage die afhankelijk is van je inkomen (minimaal 90 Euro). Vanwege problemen in het verleden met wanbetalers zijn veel advokaten er al toe overgegaan betaling van de eigen bijdrage en inlevering van de ‘verklaring omtrent vermogen' te wensen voordat ze hun hulp verlenen.
Maak duidelijke afspraken met je advokaat. Als deze praktische problemen heeft met bereikbaarheid op de geplande kraakdatum, kan het het overwegen waard zijn deze uit te stellen.
Aan het aanspannen van een kort geding zijn kosten verbonden. Ten eerste zijn dat de eigen bijdrage voor de advokaat en de griffiekosten, die afhankelijk zijn van je inkomen. Bij een bijstandsuitkering is dat samen ongeveer 150 euro, bij een hoger inkomen kan dat snel oplopen.
Daarnaast moet je rekening houden met een veroordeling in de proceskosten, als je onverhoopt het proces verliest. Dit bedraagt al gauw 1000 euro. Het is de vraag of dit altijd door de staat geïnd wordt, wat vaak ook afhankelijk is of ze het gemakkelijk op iemand kunnen verhalen. Ook kan je advokaat proberen de proceskosten als een soort wisselgeld te gebruiken voor het afzien van hoger beroep.
Natuurlijk kan je ook in hoger beroep tegen het vonnis, maar dan moet je er rekening mee houden dat intussen naar alle waarschijnlijkheid het pand wel ontruimd is, en dat als je deze ook verliest de proceskostenveroordeling nog veel hoger zal zijn. Ditzelfde verhaal geldt daarna voor cassatie.
Dit is natuurlijk veel geld, wat veel mensen misschien hiertoe kan weerhouden. Dat zou jammer zijn, want daardoor kunnen politie en Openbaar Ministerie ongestoord doorgaan met illegale ontruimingen. Schroom dus niet op zoek te gaan naar fondsen hiervoor, financiële steun van krakers uit je omgeving en uit den lande. Mijn verwachting is dat je met enig zoeken die steun echt wel zal krijgen. Misschien moet je er dan wel wat voor doen, bijvoorbeeld door een benefietaktie te organiseren.